Meteen naar document
Dit is een Premium document. Sommige documenten op Studeersnel zijn Premium. Upgrade naar Premium om toegang te krijgen.

Ne boekverslag Twee koffers vol

Boekverslag en analyse over Twee koffers vol
Vak

Nederlands

999+ Documenten
Studenten deelden 1244 documenten in dit vak
NiveauJaar

VWO

4
Studiejaar: 2015/2016

Reacties

inloggen of registreren om een reactie te plaatsen.

Preview tekst

Twee koffers vol

Door: Carl Friedman

Personages

Chaja betekent zij leeft, ze is 20 jaar en studeert filosofie, waarvan ze weinig colleges volgt, omdat ze te veel bijbaantjes heeft om haar huur en studie te betalen. Ze studeert en woont in Antwerpen waar zij ook vandaan komt. Ze komt uit een joods gezin, bij wie ze niet meer woont. Ze is uit huis gegaan vanwege haar studie om het teruggetrokken leven van en filosoof te leven en woont nu op een oud klein zoldertje, dat bestond uit een kamer en een kleine vochtige keuken in het zuidelijke, inv erval geraakte deel van de stad. De kamer was ingericht met een bed, kleerkast, een paar stoelen en een tafel. Haar boeken lagen hoog opgestapeld tegen de wand. Door de boogvensters keek ze uit op het grote plein voor het museum en op het massieve gebouw, met de bronzen triomfwagens op de hoekzuilen van het dak. Ook had ze last van muizen. Ze kan erg koppig zijn en kan zich helemaal op een ding storten en als zij iets in zijn hoofd haalt, verliest zij alle verhoudingen uit het oog net als haar vader. Ze bewondert Albert Einstein en leest graag en veel, waardoor ze vaak weinig slaapt. Ze denkt vaak filosofisch na en houdt ook vaak diepgaande gesprekken over van alles en nog wat met meneer Apfelschnitt, bij wie ze vaak haar hart gaat luchten. Nu ze bij de familie Kalman ging werken als een soort kindermeidje verdiepte ze zich in het Jodendom waar zij zelf niet veel mee deed. Ze lijkt wel in god te geloven die ze zeer raadselachtig vind maar houdt zich ook stevig vast aan hoe de natuur volgens wetenschappers in elkaar zit. Ze deed niet veel aan haar uiterlijk en droeg vaak een versleten jas en een spijkerbroek en mannen konden haar dus ook weinig schelen. Ze heeft een zwak voor Simcha Kalman, wiens manier van leven en denken ze graag bestudeerd. Ze weet dat meneer Kalman haar niet mag en haar een slechte vrouw vindt wat hij baseert op zijn eigen levensbeschouwing gebaseerd. Ze ergert zich rot aan de conciërge, maar heeft ook wel medelijden met hem omdat hij grondig afkeer had van zijn werk en zichzelf. Ze vindt het verschrikkelijk dat Sophie zo’n vooroordeel had voor joden, wat ze uit haar opvoeding had meegekregen. Ze is altijd heel trots geweest op haar vader omdat hij een danser in een film was. Citaten bij Chaja: “ik was toen ... mijn ouders blijven wonen” blz. 5. “Ik verhuisde dus... arbeid te storten.” blz. 6. “haar (mevrouw kalman) blik ging ... naar mijn spijkerbroek.” Blz. 16. “ Mijn hospita verhuurde... wakker te blijven.” “ al was het ... ik joods ben.” Blz. 79. “omdat ik meer... ( hij is Simcha) en de stoelen.” Blz. 47. “ ja, maar toen ... je muizen hebt.”( Chaja’s moeder tegen Chaja) Blz. 151

Vader van Chaja een zestig jarige lange en lenige man met een jongensachtige indruk. Als hij iets in zijn hoofd haalt, verliest hij alle verhoudingen uit het oog. Hij is getrouwd met de moeder van Chaja. Hij heeft wiskunde gestudeerd en om aan geld te komen was hij tapdansleraar. Hij is opzoek naar een stuk uit zijn verleden, een koffer die hij tijdens de tweede wereldoorlog bij een onderduik adres in de achtertuin had begraven. Maar over de oorlog spreekt hij nooit. Citaten bij de vader van Chaja: “Hij was... en lenig” blz. 22. “hij maakt inderdaad ... tevoorschijn zouden komen.” Blz. 22.

lokken. Hij pest Simcha vaak. Hij beschikt over geen enkel speelgoed alleen dingen als puzzels met godsdienstige verhalen erop. Citaten bij Avrom: “wanneer zijn broertjes ( Avrom en Dov)... olijfkleurige wangen omlijsten.” Blz. 18-19. “ De kinderen Kalman ... kleurkrijtje te vinden.” Blz. 100

Dov is een Hebreeuwse naam die geliefd betekent. Ook hij is een zoon van meneer en mevrouw Kalman en is 6 jaar oud. Hij lijkt veel op zijn oudere broer Avrom en kopieert zijn gedrag ook gedeeltelijk. Dus ook hij is een luidruchtig en de clown uithangend kind met weelderige krullen, met oorlokken. Hij beschikt over geen enkel speelgoed alleen dingen als puzzels met godsdienstige verhalen erop. Citaten bij Dov: “wanneer zijn broertjes ( Avrom en Dov)... olijfkleurige wangen omlijsten.” Blz. 18-19. “ De kinderen Kalman ... kleurkrijtje te vinden.” Blz. 100

Tzivja en Esja zijn een tweeling van zo’n vijf maanden oud en zijn de dochters van meneer en mevrouw kalman. Aan hen heeft Chaja het meeste werk tijdens het oppassen, wat ook komt doordat ze veel huilen. Zij beschikken. over geen enkel speelgoed alleen dingen als puzzels met godsdienstige verhalen erop. Citaten bij Tzivja en Esja: “mijn taak bestond... maanden oud waren.” Blz. 18 “ De kinderen Kalman ... kleurkrijtje te vinden.” Blz. 100

Simcha betekent in het Hebreeuws vreugde. Hij is de 4 jarige zoon van meneer en mevrouw kalman. Ondanks dat hij 4 jaar is hij nog steeds niet zindelijk en daar pesten zijn broers hem vaak mee. Hij is tegenovergestelde van zijn broers, hij is dus rustig en stil, maar hij is wel nieuwsgierig en stelt veel vragen aan Chaja, in het Jiddisch natuurlijk omdat dat de enige taal is die hij kan spreken. Hij heeft vaalrood haar, fletsblauwe ogen en smalle lippen. Hij heeft een voor liefde voor eendjes en zou er het liefst een worden. Hij beschikte over geen enkel speelgoed alleen dingen als puzzels met godsdienstige verhalen erop, totdat Chaja hem een eendjes speelgoedje gaf. Citaten bij Simcha: “Simcha was de... en gereserveerd toe.” Blz. 18. “Het haar van ... zijn vlekkerig gezicht.” Blz. 19. “Ik ( Chaja) richtte me ... (hem is Simcha) andere taal verstond.” Blz. 19. “De wereld loep... zijn fletsblauwe ogen.” Blz. 19. “maar bereikten wij ( Chaja, Simcha en de tweeling) .... het water omhoogstak.” Blz. 20. “Zijn smalle lippen... in zijn gezicht.” Blz. 20 “ De kinderen Kalman ... kleurkrijtje te vinden.” Blz. 100

De conciërge werkt en woont in het appartementen complex in de joodse wijk waar de familie Kalman woont. Hij heeft een benig gezicht, kleurloos haar en een dun snorretje. Hij heeft slechte benen waarover hij veel klaagt en rookt. Hij praat tegen zijn hond Attila die als een vriend voor hem lijkt te zijn. Hij houdt niet van buitenlanders en mensen met andere overtuigingen dan hij heeft. Ook heeft hij afschuw voor zijn werk en zichzelf, maar door deze afschuw op anderen te richten, steeg hij in zijn eigen achting, zo concludeerde Chaja. Volgens Chaja was de bewaring van het huis het enige doel dat hij nastreefde en het feit dat

er mensen woonde was gewoon een onaangename bijkomstigheid. Hij en Chaja kunnen slecht met elkaar overweg, omdat Chaja niet zomaar alles pikt. Citaten bij de conciërge: “Hij had een... een dun snorretje.” blz. 14. “hij was gestationeerd ... twee kamer beschikte.” Blz. 39. “in zijn mondhoek ... zelden zag branden.” blz. 40 “ Jij boft Attila... het zelf gezegd. ( zegt de conciërge)” blz. 40 “ Zijn ( Attila’s) baas( conciërge) stak ... in gerechtigheid bracht.” Blz. 40

Attila betekent jonge vader. Hij is de oude kniehoge hond van de conciërge. Hij kijkt altijd suf uit zijn ogen en loop altijd maar achter de zeurende conciërge aan. Citaten bij Attila: “En in zijn ( de conciërges )... scheen te gaan.” Blz. 40.

Sophie betekent wijs. Ze studeerde op dezelfde universiteit als Chaja en was niet bij Chaja weg te slaan. Zij leest net als Chaja erg graag en een soort fan van Friedrich Nietzsche en kan bijna alleen maar over zijn ideeën praten. Ze is opgevoed met het idee dat joden slecht zijn en mocht vroeger van haar ouders niet met ze in aanraking komen. Ze was erg verbaasd dat Chaja joods was omdat ze er helemaal niet joods uit zag. Citaten bij Sophie: “Sophie was niet... gesprek te raken.” Blz. 75.

Relaties tussen de personages

Chaja werkt bij de familie Kalman, Meneer , Mevrouw, Avrom, Dov, Simcha, Tzivja en Esja. Chaja’s ouders wonen onder Meneer Apfelschnitt, bij wie Chaja vaak op bezoek gaat. De conciërge werkt in het huis waar de familie Kalman woont en Attila is zijn hond. Sophie is een meisje dat bij Chaja op school zit.

Rol van de personages

Hoofdpersonen: Chaja Zij is het belangrijkste persoon, wordt uitgebreid beschreven en verandert door gebeurtenissen in het verhaal. Je leert haar kennen door wat ze doet, voelt, denkt, zegt en wat andere over haar zeggen.

Bijpersonen: moeder en vader van Chaja, meneer Apfelschnitt, Meneer en Mevrouw Kalman, Avrom, Dov, Tzivja, Esja, de Conciërge, Attila, Sophie, Simcha Zij worden minder uitgebreid beschreven en veranderen niet of nauwelijks. Je leert ze kennen door wat Chaja van hen denkt en wat ze zeggen en doen.

Karakters: Chaja Chaja wordt uitgebreid beschreven en je ziet hoe zijn door de types verandert.

Types: Meneer en Mevrouw Kalman, Avrom, Dov, Tzivja, Esja, de Conciërge, Attila, Sophie, moeder en vader van Chaja, Simcha meneer Apfelschnitt Deze personen worden niet heel uitgebreid uitgelegd en wat er over hen gezegd wordt zijn observaties en meningen van Chaja dus je komt niet echt veel innerlijke kenmerken te weten.

Spanning

Vertraging: “pas toen hij... Kalman is dood.” Blz. 160- De scene wordt vertraagt en alles wordt uitgebreider beschreven om spanning op te bouwen. Weglating: “Hij zei nog ... verstond niet alles.” Blz. 161 Je weet niet precies wat er nou eigenlijk gebeurd is met Simcha, doordat Chaja niet goed luistert. Onverwachte wending: “Hij haalde diep... Kalman is dood.” Blz. 161. Opeens is Simcha overleden, wat heel plotseling gebeurde en wat niemand had zien aankomen. Personage in een gevaarlijke situatie brengen : “ ‘Noch amol,’ glimlachte ... vijf trappen op.” De conciërge probeert Simcha iets aan te doen en dus is hij is een gevaarlijke situatie. Personage in een gevaarlijke omgeving laten spelen : “ ik was ervan ... zijn machteloze getier.” blz. 133- Iedere keer als Chaja van naar huis gaat en langs de conciërge zijn domein moet lopen weet ze dat hij haar wilde wreken nadat ze zijn jas had gescheurd.

Extra opdracht:

Dan hoeft hij geen vader te worden die zijn zoon niet dezelfde vragen laten leren als hij nu moet doen als traditie met Pesach. ( blz58- 59 ) Dan hoeft hij geen broek aan zodat hij dan niet in zijn broek kan plassen. ( Blz. 74) Dus dat betekent eigenlijk dat hij het liefst vrij wilt zijn en niet op allerlei dingen word afgerekend of dat er hoge verwachtingen aan hem worden gesteld.

Was dit document nuttig?
Dit is een Premium document. Sommige documenten op Studeersnel zijn Premium. Upgrade naar Premium om toegang te krijgen.

Ne boekverslag Twee koffers vol

Vak: Nederlands

999+ Documenten
Studenten deelden 1244 documenten in dit vak
Niveau Jaar:

VWO

4
Was dit document nuttig?

Dit is een preview

Wil je onbeperkt toegang? Word Premium en krijg toegang tot alle 7 pagina's
  • Toegang tot alle documenten

  • Onbeperkt downloaden

  • Hogere cijfers halen

Uploaden

Deel jouw documenten voor gratis toegang

Ben je al Premium?
Twee koffers vol
Door: Carl Friedman

Waarom is deze pagina onscherp?

Dit is een Premium document. Word Premium om het volledige document te kunnen lezen.

Waarom is deze pagina onscherp?

Dit is een Premium document. Word Premium om het volledige document te kunnen lezen.